Deze les was er één van achttien. In de cursus krijg je ze allemaal, met de oefenvragen, de memokaarten, onbeperkt proefexamens op de maat van het golfregelexamen en als pluspunt de techniek, de tactiek en de etiquette. Een jaar toegang, direct na je betaling.
Droppen en ontwijken zonder straf: de procedure die overal terugkomt
Dit is les 10 van de 18, precies zoals hij in de cursus staat. Lees hem door, maak de zeven oefenvragen en neem de memokaart mee in je tas. Gratis, zonder account. Bevalt het? Dan heb je de andere zeventien lessen voor 29,95, of vanaf 14,99 per speler samen met je partner of je flight. Ontvang direct je toegangscode en begin meteen.
Start direct vanaf € 14,99 per speler
Wat je na deze les kunt
- een bal correct markeren, opnemen, droppen en terugplaatsen
- een abnormale baanomstandigheid herkennen en zonder straf ontwijken
- het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering en de dropzone bepalen
Eerst de handelingen, dan de situaties
In les 7 heb je de bouwstenen gezien: het referentiepunt, de dropzone en de clublengte. Deze les gaat over de handelingen zelf: markeren, opnemen, droppen en terugplaatsen. Daarna komen de situaties waarin je zonder straf ergens anders mag droppen, want een plas op de fairway of een sproeikop onder je bal hoort niet bij de uitdaging. Op de baan hoor je hiervoor het Engelse woord "relief"; wij zeggen ontwijken.
Markeren en opnemen
Moet je de bal na het opnemen op dezelfde plek terugleggen, dan markeer je eerst de plek: een balmarker of een club direct achter of naast de bal. Opnemen zonder markeren kost één strafslag, en slaan terwijl de balmarker er nog ligt ook. Neem je de bal op om te ontwijken, dan hoef je niet te markeren. Opnemen doe jij, of iemand aan wie je daarvoor telkens opnieuw toestemming geeft; alleen je caddie mag je bal zonder toestemming opnemen op de green of als duidelijk is dat je gaat ontwijken.
Schoonmaken
Een bal die je opneemt om te ontwijken, of van de green, mag je altijd schoonmaken. Neem je hem op om te kijken of hij gebarsten is, om hem te herkennen, of omdat hij een andere speler hindert, dan mag schoonmaken niet, of alleen zover nodig om je merkteken te zien. Neem je hem op om te zien of je mag ontwijken, dan mag schoonmaken pas zodra je ook echt gaat ontwijken. Maak je hem toch schoon, dan is dat één strafslag.
Van kniehoogte, recht naar beneden
Droppen doe je zelf, niet je caddie en niet je medespeler. Je laat de bal los op kniehoogte: de hoogte van je knie als je rechtop staat. De bal valt recht naar beneden; je gooit, draait of rolt hem niet. Voordat hij de grond raakt, raakt hij niets van jou of je uitrusting. En hij valt in de dropzone; jij mag daarbij binnen of buiten de dropzone staan.
De bal moet in de dropzone blijven
Een goed gedropte bal die in de dropzone tot stilstand komt, speel je zoals hij ligt. Raakt hij na de grond nog per ongeluk je voet of je tas, dan is er geen straf. Rolt hij de dropzone uit, al is het een centimeter, of komt hij dichter bij de hole, dan drop je opnieuw. Rolt hij de tweede keer weer uit de dropzone, dan drop je niet meer: je plaatst de bal op de plek waar hij bij de tweede drop de grond raakte. Blijft hij daar niet liggen, dan plaats je hem na een tweede poging op de dichtstbijzijnde plek waar hij wel blijft liggen, niet dichter bij de hole.
Verkeerd gedropt
Van heuphoogte, gegooid, via je schoen of buiten de dropzone: dan is de bal verkeerd gedropt. Zolang je nog niet hebt geslagen, is er niets aan de hand: je dropt opnieuw, zo vaak als nodig. Sla je de bal toch, dan kost dat één strafslag als hij in de dropzone lag. Lag hij erbuiten, of heb je hem geplaatst waar je moest droppen, dan heb je van een verkeerde plaats gespeeld: de algemene straf, twee strafslagen in strokeplay.

Op de tekening zie je links de drop zelf: de bal verlaat de hand op kniehoogte en valt recht naar beneden in de dropzone van één clublengte. Rechts staan de drie uitkomsten, met de dropzone van boven gezien als halve schijf: de rode stippellijn is de kant van de hole, waar de bal niet voorbij mag. De bal blijft in de dropzone, de bal rolt eruit en je dropt opnieuw, en na de tweede keer plaats je hem waar hij bij de tweede drop de grond raakte.
Op precies de oude plek
Terugplaatsen betekent: dezelfde bal met de hand op de oude plek neerleggen en loslaten. Dat doe jij, of degene die de bal opnam of bewoog. Lag de bal tegen een paaltje of onder een tak, dan hoort ook die hoogte bij de plek.
Als de ligging is veranderd of de bal niet blijft liggen
Lag de bal in zand, dan herstel je de ligging zo goed mogelijk. Lag hij niet in zand, dan plaats je hem op de dichtstbijzijnde plek met een ligging die het meest op de oude lijkt, binnen één clublengte, niet dichter bij de hole, in hetzelfde gebied. Rolt de teruggeplaatste bal weg, dan leg je hem een tweede keer neer, en daarna op de dichtstbijzijnde plek waar hij wel blijft liggen, niet dichter bij de hole en in hetzelfde gebied.
De vier
De regels noemen vier dingen die niet bij de baan horen zoals hij bedoeld is. Samen heten ze abnormale baanomstandigheden.
- Tijdelijk water: een plas regen- of sproeiwater buiten een hindernis, die je ziet liggen voor of nadat je je stand inneemt. Drassige grond is geen tijdelijk water, dauw en rijp ook niet. Op de baan hoor je ook "casual water".
- Grond in bewerking: een gebied dat de Commissie heeft aangewezen (op de baan hoor je "ground under repair", GUR). De regels schrijven geen kleur voor; in Nederland zie je meestal blauwe palen. Daarnaast telt automatisch mee: een gat dat het baanpersoneel maakte, en een hoop maaisel die nog wordt opgehaald.
- Een gat gemaakt door een dier: een konijnenhol of mollengang, met de uitgegraven aarde. Wormenhoopjes zijn losse natuurlijke voorwerpen uit les 9.
- Een vast obstakel: iets kunstmatigs dat je niet zomaar kunt verplaatsen. Een sproeikop, een verhard pad, een bankje dat vastzit, en ook de palen van een hindernis. Witte palen die de grens van de baan markeren zijn geen obstakel: die ontwijk je nooit.
Van alle vier mag je zonder straf weg, en de procedure is voor alle vier dezelfde.
Wanneer er een belemmering is
Je hebt een belemmering als je bal de abnormale baanomstandigheid raakt of erin of erop ligt, of als die je stand of je swing lichamelijk in de weg zit. Alleen je speellijn telt niet: een plas twee meter voor je bal is pech, behalve als je bal op de green ligt, want daar telt de speellijn wel. En ontwijken mag niet als het onredelijk is: ligt je bal onspeelbaar in een struik met toevallig een sproeikop ernaast, dan geeft die sproeikop je geen uitweg zonder straf.
Ontwijken is een keuze. Je mag de bal ook spelen zoals hij ligt, en soms is dat slimmer, bijvoorbeeld als de plas alleen je schoenen nat maakt.
Gevaarlijke dieren
Ligt je bal naast een wespennest of een gevaarlijke slang, dan mag je die situatie overal op de baan zonder straf ontwijken met dezelfde procedure, ook in een hindernis; de dropzone blijft dan in de hindernis.
In het algemene gebied: drie stappen
- Bepaal het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering: het punt dat het dichtst bij je bal ligt, niet dichter bij de hole, in het algemene gebied, en waar je met de club, de stand en de swing die je van plan was geen last meer hebt. Neem die stand echt in, met die club; dat is de beste manier om het punt te vinden. Bij een plas waarin je zou moeten staan ligt het punt verder weg, want ook je voeten moeten droog staan.
- Meet vanaf dat punt één clublengte. Dat is je dropzone: niet dichter bij de hole dan het referentiepunt, in het algemene gebied, en de belemmering moet er helemaal weg zijn.
- Drop de bal van kniehoogte in de dropzone.
Het referentiepunt hangt af van jouw slag, dus voor een rechtshandige en een linkshandige speler ligt het aan een andere kant van de plas.

Op de tekening zie je de fairway van boven met de hole bovenaan en de bal in een plas. Voor de rechtshandige speler ligt het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering net buiten de plas, zo dat ook zijn voeten droog staan, met een halve cirkel van één clublengte als dropzone. Aan de andere kant van de plas ligt hetzelfde punt voor een linkshandige speler.
In de andere gebieden
| Waar de bal ligt | Wat je doet | Straf |
|---|---|---|
| het algemene gebied | droppen binnen één clublengte vanaf het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering | geen |
| de bunker | hetzelfde, maar punt en dropzone in de bunker; of recht naar achteren buiten de bunker, dropzone één clublengte | geen, of één strafslag |
| de green | plaatsen op het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering, op de green of in het algemene gebied; hier telt ook je speellijn | geen |
| de hindernis | ontwijken zonder straf bestaat hier niet: spelen zoals hij ligt, of de opties van de hindernis (les 11) | geen, of één strafslag |
Overal geldt: niet dichter bij de hole, en de belemmering helemaal ontweken.
Niet gevonden, maar zeker in de plas
Is je bal niet te vinden, maar is het bekend of praktisch zeker dat hij in de plas of in de grond in bewerking ligt, dan ontwijk je met dezelfde procedure; het punt waar hij de rand inging geldt als de plek van de bal. Is het niet zeker, dan is de bal verloren en geldt slag en afstand (les 12).
De ingebedde bal
Een bal is ingebed als hij door je vorige slag in zijn eigen pitchmark zit en een deel van de bal onder het grondoppervlak ligt. Ligt hij in het algemene gebied, dan mag je zonder straf ontwijken: het referentiepunt is de plek direct achter de bal, de dropzone één clublengte, niet dichter bij de hole, in het algemene gebied. Niet ingebed is een bal die iemand in de grond heeft getrapt. Ontwijken mag ook niet als de bal is ingebed in zand in de rough (op de fairway wel), en niet in een bunker of een hindernis. Op de green is een ingebedde bal geen probleem: markeren, opnemen, de pitchmark repareren en terugplaatsen.
De verkeerde green
Ligt je bal op de green van een andere hole, of staat je stand of je swing op die green, dan moet je ontwijken. Spelen van een verkeerde green is niet toegestaan, ook niet met de putter. Je bepaalt het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering in het algemene gebied, meet één clublengte en dropt zonder straf. Speel je toch vanaf de verkeerde green, dan is dat de algemene straf.
De dropzone van de Commissie
Sommige banen wijzen met een Plaatselijke Regel een vaste dropzone aan, een gemaaid vak met een bordje bij een vijver of een stuk grond in bewerking. Dan mag of moet je daar droppen in plaats van zelf te meten, met de straf die bij de situatie hoort; het staat op de scorekaart.
Even kijken mag
Denk je dat je bal ingebed is of in een situatie ligt die je mag ontwijken, maar zie je het niet zonder hem op te nemen, dan mag je hem opnemen: eerst markeren, niet schoonmaken. Blijkt ontwijken niet toegestaan, dan plaats je hem terug, en niet markeren kost dan één strafslag.
- Drop op de drivingrange of in je tuin tien keer een bal van kniehoogte en tel hoe vaak hij binnen één clublengte blijft liggen. Zo voel je waarom de tweede drop en het plaatsen bestaan.
- Zoek op de baan een sproeikop of een pad, leg een bal ernaast en bepaal met je club in de hand het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering, eerst rechtshandig en daarna alsof je linkshandig bent.
- Lees op de scorekaart van je baan of er een dropzone of een Plaatselijke Regel over grond in bewerking staat.
Wie de procedure een paar keer heeft gedaan, doet hem op de baan in een halve minuut.
De vijf dingen die je uit deze les moet onthouden:
- Droppen doe je zelf, van kniehoogte, recht naar beneden, in de dropzone.
- Rolt de bal uit de dropzone: opnieuw droppen; de tweede keer eruit: plaatsen.
- Plas, grond in bewerking, dierengat of vast obstakel: ontwijken zonder straf.
- Meet vanaf het dichtstbijzijnde punt zonder belemmering, niet dichterbij.
- Ingebedde bal in het algemene gebied: droppen binnen één clublengte erachter.

Print deze kaart of neem hem mee op je telefoon.
Zeven vragen, direct antwoord
0 van 7 beantwoord
Zo leer je de rest van de regels
2 spelers
2 toegangscodes
€39,95
€ 19,98 per speler
- Direct beginnen
- Een jaar toegang
- Inclusief btw
4 spelers
4 toegangscodes
€59,95
€ 14,99 per speler
- Direct beginnen
- Een jaar toegang
- Inclusief btw
Elk pakket geeft twaalf maanden toegang tot de hele cursus, met één toegangscode per speler, direct na je betaling. De regels in de cursus komen uit de Nederlandse tekst van de Golfregels 2023 van de R&A, met de gedragsregels en de examenfeiten van de NGF erbij. De cursus zelf is gemaakt door Bert van Doorn, opleider van beroep, die met LOKAAL 58 meer dan 10.000 opsporingsambtenaren opleidde via een online leeromgeving zoals deze. Je rekent af bij BRIDGE 58 B.V., het bedrijf achter GOLF 58, met iDEAL of een kaart, inclusief btw.